Home » Minimumbezoldiging voor kleine vennootschappen: wat verandert er vanaf 2026?

Minimumbezoldiging voor kleine vennootschappen: wat verandert er vanaf 2026?

Minimumbezoldiging voor kleine vennootschappen: wat verandert er vanaf 2026?

296A4447

Voor veel ondernemers is de minimumbezoldiging een technisch begrip dat pas echt relevant wordt wanneer de jaarafsluiting in zicht komt. Toch kan dit één van de belangrijkste elementen zijn om te bepalen of jouw vennootschap kan genieten van het verlaagde vennootschapsbelastingtarief (20%).

 

In dit artikel leggen we stap voor stap uit:

 

✅ Wanneer jouw vennootschap als klein telt,

✅ Hoe de huidige bezoldigingsvoorwaarde werkt,

✅ Wat er precies verandert vanaf 2026,

✅ En welk effect een optimalisatie in de praktijk kan hebben.

 

 

Wanneer ben je een kleine vennootschap?

 

Het verlaagde vennootschapstarief van 20% geldt alleen voor kleine vennootschappen. Om te bepalen of je vennootschap klein is, kijkt de wet naar drie criteria:

 

✅ Jaaromzet ≤ € 11.250.000,00

✅ Balanstotaal ≤ € 6.000.000,00

✅ Gemiddeld aantal werknemers ≤ 50 VTE

 

Je hoeft niet alle drie de criteria te halen. Zolang je in minstens twee van de drie categorieën onder de grens blijft, ben je een kleine vennootschap.

 

Kom je gedurende twee opeenvolgende boekjaren boven twee van deze grenzen uit?
Dan word je vanaf het daaropvolgende boekjaar een grote vennootschap.

 

Waarom is dat belangrijk? 

Alleen kleine vennootschappen kunnen het verlaagd tarief van 20% toepassen. Ben je groot, dan val je automatisch terug op het standaardtarief van 25%, en speelt de minimumbezoldiging geen rol meer. 

 

 

De bezoldigingsvoorwaarde vandaag (t.e.m. 2025)

 

Om het verlaagd tarief van 20% vennootschapsbelasting te kunnen toepassen, moet een kleine vennootschap haar bedrijfsleider(s) voldoende verlonen. Dat noemen we de bezoldigingsvoorwaarde.

 

Wanneer geldt deze voorwaarde niet?

Tijdens de eerste vier boekjaren na oprichting geldt de regel niet, zolang het niet gaat om een duidelijke voortzetting van eerdere activiteiten. Dat is steeds dossier per dossier te beoordelen.

 

Hoeveel moet je als bedrijfsleider ontvangen?

Om het verlaagde tarief te verkrijgen, moet de bedrijfsleider jaarlijks een bezoldiging ontvangen van minstens € 45.000,00.
Is de belastbare winst lager dan dat bedrag? Dan moet de bezoldiging minstens gelijk zijn aan die winst.

 

Wat telt mee als bezoldiging?

 

Meer dan alleen je maandloon:

 

✅ Bruto maandloon (incl. bedrijfsvoorheffing die wordt doorgestort)

✅ Voordelen aller aard zoals een wagen, laptop of gsm

✅ Sociale bijdragen betaald door de vennootschap

✅ VAPZ-bijdragen betaald door de vennootschap

✅ Geherkwalificeerde huur, wanneer de betaalde huur boven de fiscaal aanvaarde waarde ligt

✅ Tantièmes (winstuitkeringen) die in dat jaar worden toegekend

 

Al deze elementen samen vormen de belastbare bezoldiging die bepaalt of jouw vennootschap het verlaagde tarief mag toepassen.

 

 

Voorbeeld: voldoet mijn loon aan de huidige voorwaarde?

 

In dit voorbeeld zie je alle elementen die samen de belastbare bezoldiging vormen van de bedrijfsleider:

 

✅ Nettoloon: € 24.000,00

✅ Maaltijdcheques (eigen bijdrage): € 239,80

✅ Voordelen aller aard: € 1.866,00

✅ Sociale bijdragen (betaald door vennootschap): € 7.179,64

✅ VAPZ (betaald door vennootschap): € 4.000,44

✅ Bedrijfsvoorheffing: € 10.000,00

 

Totale belastbare bezoldiging: € 47.285,88

 

Dit bedrag ligt boven de vereiste € 45.000,00, waardoor de vennootschap in dit voorbeeld recht heeft op het verlaagd tarief van 20% vennootschapsbelasting.

 

Wat verandert er vanaf 2026?

 

Vanaf boekjaar 2026 stijgt de minimumbezoldiging voor bedrijfsleiders van € 45.000,00 naar € 50.000,00.
Dit bedrag zal bovendien elk jaar geïndexeerd worden.

 

Is de belastbare winst lager dan € 50.000,00?
Dan moet de bedrijfsleider minstens die winst als bezoldiging ontvangen.

 

De samenstelling van de bezoldiging blijft dezelfde:
het gaat nog steeds om een combinatie van loon, voordelen aller aard, sociale bijdragen, VAPZ en eventuele tantièmes.

 

Wat betekent dit in de praktijk?

Veel bedrijfsleiders die vandaag nét boven de grens van € 45.000,00 zitten, (zie voorbeeld hierboven) zullen vanaf 2026 hun loonpakket moeten herbekijken om het 20%-tarief te blijven toepassen.

 

Een tijdige optimalisatie van het loon kan dus een merkbare fiscale besparing opleveren.

 

 

Praktijkvoorbeeld 2026

 

In 2026 moet de bedrijfsleider minstens € 50.000,00 belastbare bezoldiging ontvangen om het verlaagde tarief te behouden.

In dit voorbeeld kiest hij ervoor zijn maandloon licht te verhogen, waardoor:

 

✅ Zijn nettoloon stijgt van € 2.000,00 naar € 2.200,00,

✅ De sociale bijdragen iets hoger liggen,

✅ En de bedrijfsvoorheffing wordt aangepast om verrassingen te vermijden.

 

De voordelen aller aard en het VAPZ blijven ongewijzigd.

 

Samen resulteert dit in een totale belastbare bezoldiging van € 52.560,82 voldoende om het 20%-tarief te blijven toepassen.

Impact voor de vennootschap

Dankzij het 20%-tarief betaalt de vennootschap € 9.861,04 vennootschapsbelasting.
Zonder optimalisatie zou dat € 13.645,03 zijn.

 

Impact voor de bedrijfsleider

Ondanks de hogere sociale bijdragen houdt hij netto € 2.400,00 meer loon over.
Daarnaast wordt er € 755,45 minder vennootschapsbelasting betaald.

 

 

Een blik vooruit: mogelijke bijkomende wijzigingen

 

In het begrotingsakkoord staat een voorstel om de voordelen aller aard te beperken tot 20% van het brutoloon.
De bedoeling is om buitensporige voordelen te vermijden, zoals:

 

❌ Zeer dure of vervuilende bedrijfswagens,

❌ Of vastgoed dat door de vennootschap wordt aangekocht en privé wordt gebruikt.

 

Voordelen die worden belast op basis van hun werkelijke waarde (zoals sociale bijdragen of pensioenstortingen) lijken buiten deze beperking te vallen.

 

Op dit moment zijn er echter nog geen concrete regels of berekeningsmethodes gepubliceerd.
Het is dus nog even afwachten hoe deze maatregel precies zal worden uitgewerkt.

 

Wat betekent dit voor ondernemers?

Voor de meeste bedrijfsleiders zal er weinig veranderen.
Alleen wie vandaag zeer hoge voordelen ontvangt in verhouding tot zijn brutoloon, zal deze evolutie moeten opvolgen.

 

 

Positief nieuws: maaltijdcheques stijgen

 

Vanaf januari 2026 stijgt de waarde van de maaltijdcheques van € 8,00 naar € 10,00 per cheque.
Later in de legislatuur wil de regering dit zelfs verder optrekken tot € 12,00.

 

Dat is goed nieuws voor zowel werknemers als vennootschappen:

 

✅ Medewerkers krijgen een hogere dagelijkse koopkracht,

✅ En de extra verhoging van 2,00 per cheque is volledig fiscaal aftrekbaar voor de vennootschap.

 

Een eenvoudige maatregel met een concreet effect en één van de weinige verloningselementen die écht netto voelbaar blijft.

 

 

Conclusie

 

De stijging van de minimumbezoldiging vanaf 2026 maakt het belangrijker dan ooit om je loonpakket even onder de loep te nemen. Wie tijdig optimaliseert, behoudt niet alleen het verlaagde tarief van 20%, maar houdt vaak ook meer netto over.

 

De juiste balans tussen loon, voordelen en bijdragen verschilt voor elke bedrijfsleider. Daarom bekijken we dit graag persoonlijk en op maat van jouw vennootschap.

 

Heb je vragen of wil je weten hoe jouw situatie eruitziet? Ons team helpt je graag verder.

Kalender 2026

De fiscale kalender voor 2026, zoals uiteengezet in het document van Wolters Kluwer, biedt een...

Minimumbezoldiging voor kleine vennootschappen: wat verandert er vanaf 2026?

Voor veel ondernemers is de minimumbezoldiging een technisch begrip dat pas echt relevant wordt wanneer...

Vastgoed kopen anno 2025: privé of via je vennootschap? Een startersgids

De keuze tussen vastgoed kopen in privé of via je vennootschap hangt af van het...

Laten we samenzitten

Of je nu een startende ondernemer bent die hulp nodig heeft bij het opzetten van boekhoudkundige systemen, een gevestigd bedrijf dat fiscale optimalisatie zoekt, of gewoon wat advies nodig hebt over je persoonlijke financiën, ons team staat voor je klaar.